Theorie van Positieve Desintegratie


Korte visuele uitleg

Bekijk dit filmpje om snel een indruk te krijgen van de theorie van Dabrowski (in het engels).


De Theorie van Positieve Desintegratie

In deze theorie wordt persoonlijke ontwikkeling ingedeeld in vijf niveaus. Hoe hoger je komt, hoe authentieker en meer waardegericht je leeft. Hoe lager je zit, hoe meer je je aanpast aan de meerderheid en leeft hoe je denkt dat het hoort. Het hoogst haalbare is je persoonlijkheidsideaal. Om je persoonlijk te kunnen ontwikkelen, is crisis een vereiste. De Theorie van Positieve Desintegratie (TPD) is daarom het steeds beter leren omgaan met complexiteit.

Vanuit de TPD worden vijf hypergevoeligheden genoemd: psychomotorischintellectueel, emotioneel, verbeeldend en sensorisch. Dabrowski claimt dat hoe meer hypergevoeligheid er is (vooral de emotionele), hoe meer kans op meergelaagde persoonlijke ontwikkeling. Lees hier verder over de hypergevoeligheden.

Belangrijke begrippen uit de theorie

  • Desintegratie: letterlijk ‘uiteenvalling’. Het uiteenvallen in verschillende delen, zodat de gaafheid of de stevigheid verloren gaat. In dit geval betrek hebbend op persoonlijkheid.
  • Positieve desintegratie: de uiteenvalling van je persoonlijkheid is een goed teken, omdat het nieuwe inzichten geeft om verder te ontwikkelen naar je persoonlijkheidsideaal.
  • Crisis: het ervaren van neuroses (psychische problemen) met als doel transformatie.
  • Dynamismen: het samenspel tussen instincten, motivaties, intellectuele processen en emoties. Ze kunnen positief (ontwikkelingsgericht) en negatief (afbrekend) zijn.
  • Persoonlijkheidsideaal: het hoogst haalbare in je eigen, authentieke persoonlijkheid
  • Eenlagig: je persoonlijke ontwikkeling is afwezig of oppervlakkig
  • Meerlagig: je persoonlijke ontwikkeling is diepgaand

Positieve en negatieve (on)aangepastheid

In de theorie is het onderscheid tussen de vier begrippen over aangepastheid en onaangepastheid belangrijk.

Positieve onaangepastheid: voorbij de normen en waarden van de maatschappij, volg je je eigen authentieke normen en waarden waardoor je (dichterbij) je persoonlijkheidsideaal komt.

Negatieve onaangepastheid: je keert je tegen de maatschappij voor eigen gewin, wat zich kan uiten in criminaliteit en sociopathie.

Positieve aangepastheid: bewuste hiërarchie van waarden, op een manier dat het enerzijds je ontwikkeling en persoonlijkheid ondersteunt en anderzijds past binnen de maatschappij.

Negatieve aangepastheid: je past je aan aan de normen en waarden van de groep, waardoor je ver weg staat van je eigen persoonlijkheidsideaal.


De vijf niveaus van de TPD:


Niveau 1
Primaire integratie (eenlagig)

The Matrix

In dit niveau wordt je gedreven door biologische instincten, driften en (sociale) behoeften. Je houdt je aan stereotype, maatschappelijke normen. Hier bevindt ongeveer 65% van de bevolking zich. Je hebt geen conflicten met jezelf, maar altijd met anderen. Hierdoor heb je automatisch geen psychologische ontwikkeling. Je gedrag is automatisch. Eigenlijk zou je het kunnen zien als het tegenovergestelde van mentale gezondheid. Crisis wordt wel beleefd, maar dit leidt niet tot transformatie. In extreme gevallen zie je volgens Dabrowski in dit niveau crimineel/sociopatisch gedrag.
Het beeld dat Dabrowski schetst bij niveau 1 is iemand die rondjes rond de berg blijft lopen.

The majority is always wrong.

De dynamismen in dit niveau zijn: eigenbelang, zelfbevrediging, negatieve (on)aangepastheid en schuld door anderen.


Niveau 2
Unilevel desintegratie (eenlagig)

In niveau 2 ontstaat het eerste conflict met zichzelf en is er sprake van identiteitsverwarring. Klachten zoals angst, depressie, controlebehoefte, relatieproblemen, verslavend gedrag, suïcidale neigingen of ongelukkig zijn op je werk kunnen ontstaan. Je voelt dat je dingen anders wilt en dat het anders moet, maar je weet nog niet hoe je dit kan realiseren. Oude copingsmechanismen werken niet of voelen verkeerd. Er is namelijk nog onvermogen om met crisis om te gaan. Je hangt als het waren tussen integratie en desintegratie in. Niveau 2 wordt daarom ook wel gezien als overgangsperiode. Je hebt vanaf dit punt twee opties: terugvallen (naar niveau 1) of vooruitgaan (naar niveau 3).

De dynamismen in dit niveau zijn: ambivalentie (tegenstrijdigheid), negatieve aangepastheid en ambitie.


Niveau 3
Spontane multilevel desintegratie (meerlagig)

Never waste a good crisis!

Vanaf dit niveau zit je niet meer in eenlagige (des)integratie, maar in meerlagige, spontane desintegratie. Dit betekent dat je je in potentie op dieper niveau kan ontwikkelen en dat de crisis spontaan komt: je hebt hier geen controle over. Het belangrijkste is dat crisis vanaf dit punt noodzakelijk is om je verder (emotioneel) te kunnen ontwikkelen. Maar een klein deel van de mensen komt in niveau 3. Om hier te kunnen geraken, zijn er naast crisis namelijk nog een paar dingen noodzakelijk:

  • Ontwikkelingspotentieel, afhankelijk van nature en nurture
  • Hoge mate van hypergevoeligheid/hypergevoeligheden (lees hierover)
  • De derde factor: in potentie aanwezige aanleg om verder te ontwikkelen naar je persoonlijkheidsideaal.

Dabrowski schreef over de derde factor:
“How is a butterfly logically implied in the larva?”
– “The potential for the butterfly already exists in the larva.”

Niet elke rups verandert in een prachtig gekleurde vlinder. Wel elke vlinder is ooit een rups geweest.

Waar het beeld bij niveau 1 was ‘rondjes rond de berg blijven lopen’, is nu het beeld ‘de berg beklimmen’. Je doorgaat je diepste angsten en conflicten. Er is sprake van innerlijk conflict, een discrepantie tussen wat is en wat zal moeten zijn. Je ervaart zeer intense negatieve emoties, ontevredenheid over jezelf en schaamte. Ook ervaar je een grote mate van hypergevoeligheid. Het voelt alsof je de grip op jezelf en het leven kwijtraakt. Veel mensen in niveau 3 hebben bijvoorbeeld te maken met een burn-out, waarna hun leven drastisch omslaat.

Als je de deur eenmaal opentrekt, kan je niet meer terug. Je ziet dat er dingen anders moeten in je leven en je weet nu ook dat je niet meer terug kan naar hoe het ooit was. Maar hoe je komt waar je wil zijn, is nog niet duidelijk. Het is van belang om vanaf dit punt door te ontwikkelen, om je authenticiteit, autonomie en hiërarchie in waarden te ontwikkelen. Maar dat dit gebeurt is niet vanzelfsprekend. Er zijn mensen die altijd in niveau 3 blijven hangen, met soms ernstige gevolgen zoals zelfdoding aan toe.

De dynamismen in dit niveau zijn desintegratie gericht: intense emotionele reacties, sociaal bewustzijn, empathie, positieve onaangepastheid, onrust, ontevredenheid over zichzelf, schuldgevoel en schaamte.


Niveau 4
Georganiseerde multilevel desintegratie (meerlagig)

Vanaf dit niveau klaart de mist op. De crisis is niet langer spontaan, maar georganiseerd. Dit betekent dat het je niet meer zomaar overkomt, maar dat je er meer grip op hebt. Je pakt nu zelf de regie in handen. Je ontwikkelt een sterk gevoel van verantwoordelijkheid naar anderen en jezelf. Je bent gevoeliger voor sociale gerechtigheid en empathie naar anderen. Je hiërarchie van waarden is duidelijk geïntegreerd in je dagelijks leven. Je bent zelf-organiserend en stuurt zelf bewust je ontwikkeling aan. Een mooi beeld is dat je jezelf in de spiegel durft aan te kijken en je als het ware je eigen psycholoog wordt.

De dynamismen in dit niveau zijn ontwikkelingsgericht: zelfcompassie, empathie, autonomie, authenticiteit, zelfonderwijzing, autopsychotherapie, derde factor, positieve (on)aangepastheid, acceptatie en hoop.


Niveau 5
Secundaire integratie

Vanaf dit niveau is het persoonlijkheidsideaal bereikt en is er sprake van echte persoonlijkheid. De vlinder is ontpopt. Waar het beeld in niveau drie was ‘de berg beklimmen’, is het beeld nu dat je op de top staat van de berg. Vanaf hier zijn er eindeloze mogelijkheden te bereiken. Je bent in harmonie en gelukkig met jezelf. Je gedrag is gebaseerd op je hiërarchie van waarden. Innerlijke conflicten zijn afwezig of worden bewust opgezocht.

Authentieke moraliteit
Je ervaart geen schuldgevoel meer. Alles is gewoon goed. Je leeft in het nu. Je wordt één met wat je aan het doen bent. Er is sprake van sereniteit: je bent vrij, opgeruimd en schoon.

De dynamismen in dit niveau zijn vergelijkbaar met die van niveau 4, maar zijn van dieper niveau.


Hoe de theorie te benaderen

Hoe vaker je autonome keuzes maakt, hoe makkelijker het wordt.

Persoonlijk zie ik de theorie niet te zwart-wit. Ik geloof niet dat het doel moet zijn om altijd in niveau 5 te leven en ik geloof ook niet dat dat kan. Ik denk dat als je bezig bent met je persoonlijke ontwikkeling, je gaandeweg dynamisch beweegt tussen de verschillende niveaus heen. Zo kan je bij het maken van een lastige keuze, door niveau 1 t/m 5 gaan.
Ik denk ook dat er bij sommige mensen een belangrijk kantelpunt kan ontstaan wanneer ze in niveau 3 belanden. Als ze met vallen en opstaan door dit intense proces heen zijn, zal het niet waarschijnlijk zijn dat ze ooit nog terugkeren naar niveau 1.

Een eenvoudig voorbeeld, het proces van iemand die vegetarisch wil gaan eten:

Vegetarisch eten
Niveau 1: ik eet niet vegetarisch omdat iedereen die ik ken dat ook niet doet
Niveau 2: ik denk er weleens over na om vegetarisch te gaan eten, maar doe het eigenlijk amper
Niveau 3: ik heb besloten om vegetariër te worden omdat ik dierenleed niet vind kunnen. Ik vind het een lastig overgangsproces, hierbij speelt angst voor het oordeel van mijn omgeving
Niveau 4: meestal eet ik vegetarisch, want ik sta achter mijn eigen keuze
Niveau 5: ik ben vegetariër in hart en nieren

Het kan zijn dat je de volgende keer dat je eten bestelt in een restaurant met je vrienden, intern en snel door alle niveaus heengaat voordat je de vegetarische optie bestelt. Hierbij geldt: hoe vaker je autonome keuzes maakt, hoe makkelijker het zal gaan.

Fasen in je leven
Het is goed mogelijk dat je tijdens een bepaalde fase in je leven een langere tijd in één niveau zit of tussen enkele niveaus schommelt. Wanneer je bijvoorbeeld een burn-out hebt, zit je op en af misschien wel drie jaar in het overgangsproces van niveau 2 naar 3 naar 4.

A-synchroniteit
Het is heel waarschijnlijk dat je op verschillende deelgebieden in je leven in een ander niveau zit. Zo kan je wat betreft vegetarisch eten in niveau 5 zitten, qua grenzen stellen in niveau 2 en wat betreft je relatie in niveau 4.

Positieve regressie
Wanneer je een bepaald niveau bereikt hebt, ga je over het algemeen niet gauw meer terug. Toch kan dit wel het geval zijn. Positieve regressie is het tijdelijk terugvallen naar een lager niveau met als doel om dit te verstevigen. Door een heftige gebeurtenis of een trigger, in ieder geval een periode van veel stress, voelt het alsof je weer terug bij af bent. Dit is niet waar, je zult nooit op het punt terugkeren waar je begon. Daar heb je te veel voor geleerd. Je bent enkel de lagere niveaus wat aan het verstevigen. Volgens Dabrowski hebben vooral mensen met de verbeeldende én emotionele hypergevoeligheid dit regelmatig.


TPD is voor iedereen!

Oorspronkelijk heeft de theorie van Dabrowski niks te maken met begaafdheid. Omdat in de theorie echter wordt gesproken van een ontwikkelingspotentieel, zijn er een aantal psychologen geweest die de theorie op (hoog)begaafdheid hebben geplakt. In deze wereld is hij dan ook goed bekend. Ook de vijf hypergevoeligheden passen bij de intensiteiten van hoogbegaafde mensen. Het is echter niet zo dat alleen hoogbegaafden zich meergelaagd kunnen ontwikkelen of dat de theorie enkel voor hen bedoeld is! Het is fijn dat de TPD bekendheid heeft onder hoogbegaafden, maar nog veel fijner zou het zijn als iedereen de theorie zou kennen.

De TPD is niet alleen voor hoogbegaafden, maar voor iedereen relevant. Het omarmen van je kwetsbaarheden, het doorleven van crisis voor een meergelaagde ontwikkeling, het belang inzien van emotionele ontwikkeling, authentiek en waardegericht leven, gevoeligheid zien als kracht, dat is voor iedereen belangrijk!